De zeven meest voorkomende behandelingen

Niet elke ERCP omvat behandeling. Soms is alleen kijken en weefselmonster nemen voldoende. Maar bij de meeste indicaties is behandelen het hoofddoel.

01

Galsteen verwijderen (steenextractie)

meest voorkomende behandeling

Met een mandje (Dormia-basket) of een ballonnetje haalt de arts een steen uit de galweg. Het instrument gaat door het kanaal van de endoscoop, vangt de steen, en trekt hem terug naar de twaalfvingerige darm.

Resultaat

90 tot 95% kans op succes in één sessie

Vervolg

Vaak gevolgd door geplande galblaasoperatie als de stenen uit de galblaas kwamen.

02

Papillotomie (sphincterotomie)

vaak in combinatie met andere ingreep

Een klein sneetje in het poortje van de galweg, om ruimte te maken voor instrumenten of stenen. Het sneetje wordt elektrisch gemaakt met een speciaal mes. Heel klein, maar genoeg om door te kunnen.

Resultaat

in vrijwel alle gevallen succesvol

Vervolg

Het sneetje geneest vanzelf. Soms een licht verhoogd risico op late bloeding (eerste week).

03

Stent plaatsen

bij vernauwing of geelzucht

Een dun buisje dat de galweg openhoudt. Plastic voor tijdelijk, metaal voor langer. Wordt door de endoscoop heen gepositioneerd en in de juiste positie achtergelaten.

Resultaat

meestal snel resultaat: gal stroomt weer, geelzucht zakt binnen dagen

Vervolg

Plastic stents na 3 tot 6 maanden vervangen of verwijderen. Metalen stents vaak blijvend.

04

Vernauwing oprekken (dilatatie)

bij goedaardige vernauwing

Een ballonnetje wordt door het nauwer geworden stuk gebracht en voorzichtig opgepompt om het op te rekken. Vaak gevolgd door stent-plaatsing om het opgerekte stuk open te houden.

Resultaat

goed bij goedaardige vernauwingen, vaak meerdere sessies nodig voor blijvend resultaat

Vervolg

Bij sommige patiënten een schema van herhaalde dilataties over 6 tot 12 maanden.

05

Weefselmonster nemen (cytologie of biopt)

bij verdenking op tumor

Een borsteltje of klein knipgereedschap wordt door de vernauwing of laesie gebracht om cellen of weefsel te verzamelen. Het materiaal gaat naar pathologie voor onderzoek.

Resultaat

eerste cytologie geeft niet altijd duidelijkheid; soms tweede ERCP nodig

Vervolg

Uitslag meestal binnen 1 tot 2 weken. Vervolgstappen afhankelijk van bevindingen.

06

Stent vervangen

gepland of bij verstopping

Een eerder geplaatste plastic stent wordt verwijderd en vervangen door een nieuwe. Routine-ingreep die op vergelijkbare manier verloopt als de eerste plaatsing.

Resultaat

in vrijwel alle gevallen succesvol

Vervolg

Nieuwe stent gaat 3 tot 6 maanden mee. Schema afhankelijk van onderliggende oorzaak.

07

Drainage van een verzameling

zelden, vaak met EUS-techniek

Bij een pancreas-pseudocyste of abces dichtbij maag of darm kan via ERCP of EUS een verbinding worden gemaakt om de inhoud te draineren. Vaak in een ander traject dan standaard ERCP.

Resultaat

afhankelijk van locatie en aard van de verzameling

Vervolg

Soms tijdelijke stent of katheter die over weken verwijderd wordt.

Hoe de arts de keuze maakt

De combinatie van behandelingen die u krijgt, is geen vaste keuze vooraf. Veel hangt af van wat de arts ziet tijdens de ERCP. Een paar voorbeelden:

  • Bij verdenking op steen: meestal papillotomie als opmaat, dan steenextractie. Bij meerdere stenen mogelijk meerdere passages.
  • Bij vernauwing met geelzucht: dilatatie + stent plaatsen. Soms ook cytologie voor diagnose.
  • Bij verdenking op tumor: stent plaatsen voor afvoer + cytologie of biopt voor diagnose.
  • Bij goedaardige vernauwing in vervolgsessie: oude stent eruit, nieuwe (of meerdere) erin om geleidelijk op te rekken.

Wat na de behandeling

Na elke behandeling controleert de arts met röntgen of het beoogde resultaat is bereikt. Steen weg? Stent goed gepositioneerd? Vernauwing voldoende opgerekt? Bij twijfel volgt extra controle of een tweede behandeling.

Voor de meeste patiënten betekent een succesvolle behandeling dat hun klachten binnen dagen tot weken verdwijnen. Geelzucht zakt, pijn verdwijnt, koorts blijft weg. Soms is er een tweede ERCP gepland: bijvoorbeeld om een stent te vervangen, om aanvullende steenextractie te doen, of om resultaten van weefselonderzoek verder uit te werken.

Veelgestelde vragen

Welke behandeling krijg ik precies?
Vaak weet u dat vooraf in grote lijnen. Bijvoorbeeld: bij verdenking op een steen verwacht u steenverwijdering. De exacte combinatie van behandelingen ziet de arts pas tijdens het onderzoek, op basis van wat hij of zij ziet. Soms volgt papillotomie als opmaat voor andere ingrepen, soms volstaat steenextractie alleen.
Doet de behandeling pijn?
Niet tijdens de ingreep zelf, omdat u onder sedatie bent. Na de ERCP kunt u milde buikpijn of een drukgevoel hebben, vooral na papillotomie. Paracetamol helpt meestal voldoende. Heftige pijn na de ingreep is reden voor contact.
Wat als de geplande behandeling niet lukt?
Dat komt voor. Soms is een tweede ERCP nodig na een paar weken, soms wordt overgeschakeld naar EUS, percutane drainage of operatie. Uw arts bespreekt de vervolgstappen met u en uw naasten direct na de eerste ingreep.
Kan ik meerdere behandelingen in één ERCP krijgen?
Ja, vaak gebeurt dat. Bijvoorbeeld papillotomie + steenextractie, of stent vervangen + nieuwe stent plaatsen. De arts plant de volgorde voor maximale effectiviteit per sessie.
Hoe weet ik na de ERCP wat er gedaan is?
Vlak na de ingreep krijgt u op de uitslaapkamer een korte mondelinge samenvatting. De volledige uitslag inclusief eventueel weefselonderzoek volgt in een vervolgafspraak of telefonisch binnen 1 tot 2 weken.
Kunnen er complicaties optreden door de behandeling?
Ja. Papillotomie verhoogt het risico op bloeding licht. Stent-plaatsing kan leiden tot verstopping of verschuiving op termijn. Dilatatie heeft een klein risico op perforatie. De pagina complicaties van ERCP beschrijft de risico's in detail.
Medisch gecontroleerd

Inhoud opgesteld met input van een MDL-arts

Deze pagina is inhoudelijk gecontroleerd. De informatie is algemeen en vervangt geen persoonlijk advies.